‘Doop, wederdoop en kinderdoop’ van Huldrych Zwingli.
In zijn boek Die Zwinglische Reformation im Rahmen der europaïschen Kirchengeschichte legt Gottfried W. Locher er de vinger bij dat er een sterke verwantschap bestaat tussen Kohlbrugge en Zwingli (p. 676). Van de belangrijke reformatoren staat Zwingli min of meer in de schaduw van Luther en Calvijn. Tekenend daarvoor is dat er relatief weinig van zijn geschriften in het Nederland vertaald zijn. Dat signaleerde de heer H.L. Roth ook, en vervolgens is hij begonnen met het vertalen van het werk van Zwingli in het Nederlands. Een volledig particulier initiatief: ook de uitgaven worden door Roth zelf verzorgd. De eerste resultaten van dit project zijn gereed. Ik las ‘Doop, Wederdoop en Kinderdoop’, het meest recent verschenen boekje. Op de website zwingli4all.nl is meer informatie te vinden.
Een ontdekking die je doet tijdens de lezing van het boekje is dat het gebed uit ons doopformulier door Zwingli geschreven is. En tevens blijft het gevoel achter: jammer eigenlijk dat er geen stevige uitgever achter staat die de nodige promotie kan verzorgen, want Zwingli is zeer lezenswaardig.
In het boek over de doop gaat Zwingli bewogen in op verschillende opvattingen over de doop. Wat opvalt is zijn emotionele en soms zelfs erg scherpe toon. Het betreft duidelijk een geschrift uit een periode waarin allerlei stromingen aan de nog maar net gereformeerde kerk begonnen te trekken. Een periode waarin allerlei aanvallen werden gedaan op de leer en de inhoud van de eredienst. Zwingli springt op de bres en wijst de weg in een periode van kennelijke verwarring. Want er waren mensen die zich af wilden scheiden van de kerk en die de wederdoop als ‘afscheidingsmiddel’ gebruikten.
Zwingli’s betoog daartegen is door zijn felheid soms wat verwarrend, maar als je de tijd neemt om zijn argumenten tot je te laten komen, ontdek je dat Zwingli zeer Bijbels redeneert. Hij voert de discussie steeds terug naar de kern van onze verlossing: het geloof in Jezus Christus. Alleen in Hem, de Zoon van God is er redding, en op geen enkele andere manier. Alle uiterlijke verschijnselen en vertoning waarin Zwingli een gevaar ziet om onze hoop op redding op te stellen, wijst hij af. We worden niet gered door het gebruik van sacramenten. God begint met ons, en niet andersom. Hij geeft aan dat ‘dopen’ in de Bijbel vaak ‘verkondigen en leren’ was. De doop is een ‘verplichtend teken’, de doop maakt niet zalig, en versterkt het geloof evenmin, want het geloof is Gods gave, en komt niet uit uiterlijke zaken.
De mening van de wederdopers dat de doop wel het geloof versterkt, heeft hen de kinderdoop doen afschaffen. Zwingli geeft eerlijk toe dat hij eerst genuanceerder dacht, maar dat hij vanuit de Schift dit denkbeeld nu afschrijft. ‘Wie het teken van de doop heeft ontvangen, wil weten wat God daarmee tegen hem wil zeggen. Hij wil zijn opdrachten vernemen en ernaar leven. Wie daarna bovendien God dank zegt in het midden van de gemeente tijdens de herinnering aan de tafel van de Heer, die laat zich kennen als iemand die zich in zijn hart over de dood van de Heer verheugt en God daarvoor dankt.’
Wie goed Zwingli’s felle betoog leest, ontdekt dat hierin de basis ligt voor ons doopformulier. Daarmee is het een zeer lezenswaardig boek, dat zeker stof tot overdenken geeft. Het maakt nieuwsgierig naar de andere uitgaven van Zwingli. Zwingli4all? Het zou ons zeker een beter besef geven van de fundamenten van onze gereformeerde leer.
Al lezend in Zwingli dringt het tot je door dat er een sterke parallel ligt tussen zijn tijd en de onze. Men was het zicht op de werkelijke bron van het heil aan het verduisteren door meer nadruk te leggen op het uiterlijke, op de beleving. Er dreigde een vorm van verkondiging die teveel nadruk legde op zaken buiten het geloof in Christus alleen. En dit alles werd versterkt door de kritische houding van kerkgangers die streefden naar verandering. Alleen het geloof in Jezus Christus maakt zalig, niets anders. Die waarheid wordt vandaag de dag, evenals in de tijd van Zwingli, op diverse manieren aangevochten.
Binnen de kerken merk je regelmatig diezelfde hang naar verandering en diezelfde nadruk op de uiterlijke zaken. Jezus alleen? Zelfs binnen kerken hoor je nogal eens de opvatting ‘ja, dat God bestaat geloof ik, maar dat Jezus de Zoon van God is en Hij alleen de bron van zaligheid, dat gaat me wat te ver.’ En laten we eerlijk zijn: het is niet zo verwonderlijk dat dit zelfs onze kerken binnensijpelt. De druk van buitenaf is erg hoog. In een maatschappij waar tolerantie is verworden tot een soort dictatuur van de meerderheid, kun je niet aankomen met de boodschap dat Jezus de enige weg is. Dat wordt de afgelopen decennia versterkt en gevoed door een stroom populaire boeken die helaas een grote invloed hebben op het denken van mensen. En die tevens goed aan blijken te sluiten bij de beleving van de massa. Een paar voorbeelden? Het meest in het oog springend is natuurlijk De Da Vinci Code van Dan Brown. Daarin wordt op geslepen en intelligente manier ‘bewezen’ dat Jezus niet de Zoon van God is en zelfs nakomelingen heeft op aarde. In De Zwarte Orde van James Rollins wordt in een spannend verhaal waarin hedendaagse nazi’s streven naar de realisatie van een superieur menselijk ras ‘ontdekt’ dat geloof niets anders is dan een soort fenomeen dat ingrijpt op ‘kwantumniveau’. Geloof is niets bovennatuurlijks, maar een wetenschappelijk verklaarbaar en te meten verschijnsel. In De Magische Cirkel van Katherine Neville, een bestseller, blijkt Jezus niets anders dan één van de figuren die in de geschiedenis van de mensheid een nieuw tijdperk inluiden door hun grote macht of bijzondere boodschap.
Het basisrecept van al deze boeken, en er zijn nog tientallen andere titels te noemen, is steeds hetzelfde: Een spannend verhaal als ruggengraat, een scheutje wetenschap en een enorme hoeveelheid fantasie worden vermengd tot een verhaal dat een hoog wetenschappelijk gehalte lijkt en dat door velen geslikt wordt als de waarheid. Dat het stuk voor stuk bestsellers zijn is daarbij tekenend.
Als we daarnaar kijken is het zeer te wensen dat velen Zwingli’s werk herontdekken.
Leendert van Wezel, Groot Ammers
Uit: Ecclesia – 98e jaargang 26 juni 2007
(Ecclesia is het orgaan van de Stichting Vrienden van Dr. H.F. Kohlbrugge)