J. M. Stolk

H. L.

De Zwitserse reformator Huldrych Zwingli (1484-1531)
Huldrych Zwingli heeft in kerkelijk Nederland geen al te best imago. De vrijzinnige Zwinglibond draagt al jaren de naam van de Zwitserse reformator. En catechisanten leren dat Zwingli er met zijn avondmaalsopvatting naast zat. Daar moet verandering in komen, vindt H. L.
Het bureau in zijn studeerkamer ligt bezaaid met boeken. Een wetenschappelijke uitgave van Zwingli’s geschrift over de voorzienigheid, vertalingen ervan in het Duits, woordenboeken, een bibliografie.
„Zwingli heeft nogal onder vuur gelegen over zijn opvattingen over de voorzienigheid”, zegt
Voorzienigheid
”Over de voorzienigheid” is een van de geschriften van Zwingli waarmee
Uitgangspunt is een zo getrouw mogelijke vertaling, aldus
Doorbraak
In het Nederlands was weinig over Zwingli te krijgen, ontdekte hij. „In de zestiende eeuw heeft Zwingli wel invloed gehad in de Nederlanden. Zo sloot Joannes Veluanus uit Garderen nauw aan bij diens avondmaalsopvatting. Ook Heinrich Bullinger, Zwingli’s opvolger in Zürich, werd hier bekend, vooral door zijn ”Huisboek”. In de zeventiende eeuw diende het als preekboek voor de zogenoemde ziekentroosters aan boord van de schepen van de Verenigde Oost-Indische Compagnie. Maar Zwingli had de pech dat hij tijdens de Synode van Dordrecht in 1618-1619 ten onrechte werd geciteerd door de remonstranten. De naam Zwingli was voortaan verdacht.”
Wat biedt Zwingli meer dan Luther of Calvijn?
„Alle reformatoren zijn profeten van God; daar ben ik van overtuigd. Maar ze waren heel verschillend, net als de discipelen. Petrus was vaak haantje de voorste, terwijl Johannes meer diepgang vertoonde. De apostel Paulus was de systematicus. Misschien leek Luther wel het meest op Petrus; hij kon nogal bot uit de hoek komen en soms moest hij daarom door anderen worden bestraft. Calvijn is meer een Paulus. Zwingli lijkt het meeste op Johannes, die alles met een adelaarsblik -vanuit het gezichtspunt van God- bekeek.
Zwingli redeneerde sterk vanuit de voorzienigheid van God. Hij legde de nadruk op het werk van de Heilige Geest. De Bijbel is volgens hem het uitwendige Woord, dat de Heilige Geest gebruikt om de mens inwendig levend te maken.”
Dit uitgangspunt werpt volgens
Kinderdoop
Vooral voor het boek ”Doop, wederdoop en kinderdoop” is veel belangstelling, aldus
Opvallend is, aldus
U vertaalde onlangs twee preken van Zwingli. Wat voor type predikant was hij?
„Van Zwingli zijn jammer genoeg bijna geen preken bewaard gebleven. Duidelijk is wel dat Zwingli een echte volksprediker was: aansprekend, direct, en gericht op de praktijk. Op vrijdagse marktdagen belegde hij speciaal een dienst voor mensen uit de omgeving van Zürich. Die brachten de boodschap vervolgens verder in de ommelanden.”
Welk geschrift van Zwingli moet iedereen lezen?
„Al vanaf het begin ben ik gegrepen door ”Het Woord van God: glashelder, krachtig en betrouwbaar”, juist ook omdat de betrouwbaarheid van de Bijbel in onze tijd nogal onder vuur ligt. Zwingli benadrukt dat Gods Woord duidelijk is; innerlijke tegenstrijdigheden sluit hij bij voorbaat uit. De Heilige Geest spreekt Zichzelf immers nooit tegen.”
Zwingli was duidelijk, redeneerde logisch en consequent.
Bent u niet te kritiekloos?
„Nee, ik wil geen partijgenoot worden. Van Paulus niet, van Apollos niet, van Cefas niet. En ook van Zwingli niet. Maar hij is een goed startpunt. Zwingli verwees altijd naar de Schrift.”
------------
Huldrych Zwingli
Huldrych Zwingli werd geboren op nieuwjaarsdag 1484. Hij studeerde in Bern, Wenen en Basel en begon in 1506 zijn ambtelijke werkzaamheden als pastoor in Glarus. Zwingli werd een van de belangrijkste kerkhervormers in Zwitserland.
Zwingli werd in 1519 priester van de Grossmünsterkerk in Zürich. Daar begon hij publiekelijk vraagtekens te zetten bij de leer van de Rooms-Katholieke
Het avondmaal zag Zwingli als een herinneringsmaaltijd. Brood en wijn worden niet het lichaam van Christus, maar de gemeente wordt zichtbaar als lichaam van Christus rondom Woord en sacrament. De Duitse reformator Maarten Luther dacht daar anders over. Hij hield vast aan de letterlijke tegenwoordigheid van Christus in het avondmaal. Johannes Calvijn benadrukte de mystieke gemeenschap van de gelovige met Christus door de tekenen van brood en wijn.
In oktober 1531 ondernamen de rooms-katholieke kantons in Zwitserland een gezamenlijk aanval op Zürich. Zwingli vergezelde het protestantse leger en sneuvelde in de slag bij Kappel. Een monument herinnert daar nog aan de reformator van Zwitserland.
------------
Vertalingen
H. L.
-”Het Woord van God: glashelder, krachtig en betrouwbaar”
-”Goddelijke gerechtigheid, menselijke gerechtigheid en hun onderlinge relatie”
-”Doop, wederdoop en kinderdoop”
-”67 artikelen met uitleg”
-”Twee preken te Bern: belijden en volharden”
Meer informatie: www.zwingli4all.nl.
-------------
Geloven is vertrouwen
Huldrych Zwingli preekte op 19 januari 1528 over het Apostolicum. „Rechtschapen christenen”, zo begon hij, „aangezien ik door de mij ongunstig gezinde tegenstanders als een misleider en ketter word voorgespiegeld, wil ik ten overstaan van deze vergadering van harte rekenschap geven van mijn geloof.” En geloof is hetzelfde als vertrouwen, aldus Zwingli.
„Als de mens niet méér zou geloven, dan alleen dat er een God is, en zich niet aan dezelfde God zou toevertrouwen met een ontwijfelbaar vertrouwen, dan zou dat niet meer te betekenen hebben, dan wanneer iemand van ons zou geloven dat de Turken Mohammed vereren, zonder hem zelf te vereren. Een dergelijk geloof is niet schadelijk voor hem; hij stelt immers geen vertrouwen op Mohammed. Identiek is de situatie, als wij alleen geloven in het bestaan van een God, maar niet erop vertrouwen dat hij onze God en Vader is (zie Johannes 8:42). Dat zou ons net zo weinig baten, zoals het niet schadelijk is om te weten dat Mohammed wordt vereerd, en er op hem wordt vertrouwd, als we dat zelf niet doen. „Ook de demonen geloven, en ze sidderen” (Jakobus 2:19), dat is: ze erkennen heel goed, dat er een God is. Ze sidderen, omdat ze het zich bewust zijn geworden. Ze vertrouwen zich echter niet aan hem toe; ze verwachten ook niets goeds van hem en ze hebben hem niet lief.”
N.a.v. ”Twee preken te Bern: belijden en volharden”, vertaald door H. L.